Antwoorden op kamervragen over commissie Roemer

Deel via

Roemer ‘Van rijles naar rijonderwijs’: Reacties op vragen van de Kamerleden en de antwoorden van de Minister.

Over de Kamerbrief van 10 juni, werden diverse schriftelijke vragen gesteld over het rapport van de commissie Roemer, ‘Van rijles naar rijonderwijs’. Hieronder volgen de belangrijkste vragen van de Kamerleden en de antwoorden van de minister, specifiek gericht op rijinstructeurs en rijscholen in Nederland.

Verbetering van de kwaliteit van rijonderwijs

Vraag: Welke mogelijkheden ziet de minister om een erkenningsregeling in te richten voor rijscholen zodat zij kunnen aantonen dat ze aan bepaalde minimumeisen voldoen?

Antwoord: Door de nieuwe vakbekwaamheidseisen voor rijinstructeurs in het voorstel van het Innovam Branchekwalificatie-instituut (IBKI) zet het ministerie van I&W een grote stap in het verbeteren van de kwaliteit van rijscholen. Daarnaast zorgt de invoering en naleving van een nationaal leerplan voor zowel leerlingen als rijinstructeurs voor een solide basis waarin kwalitatief hoogwaardig rijonderwijs kan plaatsvinden. Het gebruik van een leerlingvolgsysteem biedt niet alleen inzicht aan leerlingen, instructeurs en examinatoren, maar draagt ook bij aan de structuur van de lesmethoden en de dienstverlening van rijscholen. Een formele erkenning van rijscholen is op korte termijn niet nodig, maar kan worden overwogen op basis van de evaluatie van het advies ‘Van rijles naar rijonderwijs’​​.

 

Instroomeisen voor rijinstructeurs

Vraag: Hoe kijkt de minister naar de vijfjaareis voor rijinstructeurs, waarbij zij vijf jaar rijervaring moeten hebben voordat ze rijinstructeur mogen worden?

Antwoord: De Adviesraad Wet Rijonderricht Motorrijtuigen (WRM) en het IBKI hebben het invoeren van de vijfjaareis afgeraden vanwege onduidelijkheid over het positieve effect en zorgen over negatieve effecten op de instroom van nieuwe instructeurs. In het advies ‘Van rijles naar rijonderwijs’ worden geen maatregelen voorgesteld voor ervarings-instroomeisen voor nieuwe rijinstructeurs. De focus ligt op de verbetering van de kwaliteit van de rijinstructeursopleiding door een nationaal leerplan, eisen aan docenten en een erkenningsregeling voor instructeurs-opleidingsinstituten​​.

Onrust over bevoegdheidsverlies

Vraag: Herkent de minister de onrust binnen de sector over de mogelijkheid om de rijlesbevoegdheid te verliezen?

Antwoord: Ja, het ministerie is bekend met de zorgen. Uit de gegevens blijkt echter dat 87% van de rijinstructeurs de eerste keer slaagt voor hun vakbekwaamheidsexamen. De sanctie van bevoegdheidsverlies bij herhaald niet slagen is bedoeld om de verlenging van de bevoegdheid minder vrijblijvend te maken, terwijl de impact op de sector beperkt blijft. De verwachting is dat de uitvoering van de maatregelen uit het advies ‘Van rijles naar rijonderwijs’ het beroep van rijinstructeur aantrekkelijker zal maken​​.

 

Erkenning en toezicht op rijscholen

Vraag: Waarom kiest de minister niet voor de oprichting van een zelfstandig bestuursorgaan (zbo) zoals de Curriculumcommissie Autorijonderwijs (CCA)?

Antwoord: De introductie van een nieuwe autoriteit zoals de CCA is opgenomen in de plateauplanning van het advies ‘Van rijles naar rijonderwijs’. Uit onderzoek door ABDTOP Consult blijkt echter dat het niet opportuun is om een nieuwe ZBO op te richten, omdat bestaande ZBO’s de publieke taken kunnen uitvoeren. Mocht in een later stadium blijken dat de CCA toch van toegevoegde waarde is, kan de oprichting en vorm daarvan opnieuw worden onderzocht​​.

Handhaving en klachten

Vraag: Hoe wil de minister voorkomen dat rijinstructeurs stoppen vanwege de nieuwe maatregelen?

Antwoord: De verwachting is dat de waardering voor het beroep van rijinstructeur zal toenemen door de verbeteringen die worden doorgevoerd, waardoor meer mensen voor dit beroep zullen kiezen. Hoewel er zorgen zijn over de sancties, komen deze signalen voornamelijk van één brancheorganisatie. Andere brancheorganisaties delen deze zorgen niet. Het ministerie zal de sector blijven monitoren en ondersteuning bieden waar nodig​​.

Sancties en gelijkwaardige behandeling

Vraag: hoe denkt de minister dat de huidige sancties op de rijscholen zonder de CCA rechtvaardigt.

Antwoord: De huidige WRM kent geen sancties op rijscholen en ook na uitvoering van het advies ‘Van rijles naar rijonderwijs’ zijn er voor rijscholen geen sancties in de WRM voorzien.

Conclusie

Het rapport van de commissie Roemer en de daarop volgende maatregelen van de minister van Infrastructuur en Waterstaat zijn gericht op het verbeteren van de kwaliteit van het rijonderwijs in Nederland. Door nieuwe vakbekwaamheidseisen, een nationaal leerplan en een gestructureerde aanpak, wordt verwacht dat zowel de kwaliteit als de waardering voor het beroep van rijinstructeur zal toenemen. De minister heeft de zorgen binnen de sector erkend en biedt antwoorden en oplossingen die gericht zijn op voorkomen van ongewenste gedragen en het behoud en de verbetering van de rijschoolbranche.

Rijinstructeur worden?

Wil jij weten hoe? Jongepier geeft je alle geheimen!